© Made & Powered by Bert
Koninklijke Balboogmaatschappij St. Servatius Aalst
Home Onze Club Historiek Clubs Reglementen Uitslagen Kalender Gallerij

Nationale Federatie

Schieten met een kruisboog ls sport en spel bestond voor de edelen al rond 1100. Er was eigenlijk pas echt sprake van Gilden, na de Brabantse Omwenteling in 1789, en dan meestal nog onder het banier van de grote heren van Brabant. De kruisboogschutters vormden toen de kern van de burgereenheden, die zelfs het Oostenrijkse garnizoen van Brussel op de vlucht dreven. De uiteindelijke opkomst en de groei van de zelfstandige gilden is pas ontstaan na de onafhankelijkheid van België. Ancien Grand Serment (1213) werd erkend door de hertog van Brabant als gewapende dienst om de souverein te dienen tijdens de oorlog en kreeg stamnummer in de federatie 001. De onafhankelijke gilden onstonden na 1830 als volgt: - Guillaume Tell Brussel 1838 002 - Sint - Servatius Aalst 1840 003 - La Tyrolienne Brussel 1841 004 - Guillaume Tell Tienen 1841 005   Willem Tell na 1945 - Sint-Joris Oostende 1854 006 - De Ware Vrienden Aalst 1864 007 - De Klauwaerts Aalst 1867 008 - De Jonge Leerlingen Hemiksem 1878 009 - De Moedige Strijders Aalst 1886 010 - Vooruit en Recht Hemiksem 1893 011 Alhoewel gesteund door de begoede burgerijen grote heren, was het moeillijk om wedstrijden te organiseren. Toch zijn er meldingen teruggevonden van wedstrijden in Brussel op 1921. Er bestaan zelfs nog archieven met uitslagen van de Ware Vrienden als Federaal Kampioenschap: - 1924 Gewonnen door Arthur Thijbaert - 1925 Gewonnen door Arthur Thijbaert - 1926 Gewonnen door Gustaaf Callebaut Verschillende ontmoetingen waren er al geweest, met als doel een eigen balboogfederatie op te richten, het aanzien verhogen, de belangen verdedigen en een geordende competitie op te stellen. Op aanvraag van Ancient Grand Serment kwamen op 25 december 1925 de drie Brusselse maatschappijen samen in het lokaal van Guillaume Tell in Brussel. Zij hadden samen een statuut opgesteld en na bespreking werd deze opgestuurd naar alle maatschappijen samen met een uitnodiging om samen te komen op 16 januari 1926 in het lokaal van Ancien Grand Serment in Brussel. De eigenlijke geboortedatum van de Nationale federatie is 25 december 1925, een kerstekind. De groepering heeft volgende doelen: - Het verdedigen der sportieve en materiële belangen van de aangesloten maatschappijen - Het opmaken van eenvormige reglementen eigen aan het uitoefen van de balboogsport - Het inrichten en begeleiden van wedstrijden onder de maatschappijen Op 16 Januari kwamen de reeds overtuigde maatschappijen bijeen en werden de statuten onderschreven door Guillaume Tell( Brussel ), La Tyrolienne, Ancien Grand Serment, Moedige Strijders, Sint-Servatius, Sint-Joris en Guillaume Tell ( Tienen ). Afwezigen waren dus De Ware vrienden, De Klauwaerts, De Jonge Leerlingen en Vooruit en Recht. Het toenmalige bestuur zag er als volgt uit: - Voorzitter Musschoot La Tyrolienne - Ondervoorzitter Van Audenhove Moedige Strijders - Secretaris Janssens Guillaume Tell Brussel - Commisaris Julien Colin Guillaume Tell Tienen C. Haeck Ancien Grand Serment Op de vergadering van 27 mei 1928 werd de secretaris vervangen door R. Ghijsbrecht. Na herhaaldelijk aandringen van Guillaume Soenen en Ghijsbrecht werd er een afvaardiging gezonden naar de vergadering van 27 mei 1928 door de Ware Vrienden en de Klauwaerts. Maar pas op 2 februari 1930 ondertekenden beide partijden de statuten, door Charles Denaeyer voor de Ware Vrienden en door Jozef Hermans voor de Klauwaerts. De Jonge Leerlingen en Vooruit en recht hadden nog steeds de stauten niet ondertekend. De statuten en spelregels werden opgesteld in het Frans en waren samengesteld uit oude regels die steunden op tradities en gewoontes en gaven aanleiding tot improvisatie en vele betwistingen. De wedstrijden hadden plaats op een wip met gritsel met vaste vogels. De samenstelling der ballen was eveneens een groot twistpunt: lood, antimonium, zink,tin?? Het gewicht 14,16,17 gram? De stelling van J.Collin was, de boog met een zware lat is volledig bevoordeeld. Begin 1930 vielen De Moedige Strijders zonder lokaal, het bestuur ontbond de maatschappij en Van Audenhove, die ondervoorzitter was in het federaal bestuur gaf zijn ontslag, deze werd opgevolgd door Gaston Camu van Sint-Servatius. Op 19 februari toonde Julien Collin een brief die hij geschreven had, naar het schepencollege van de stad Aalst om een subsidie te verkrijgen voor deinrichting van een Nationale Schieting op de Grote Markt. Deze stadstoelage werd dan voor de eerste maal dankzij hem aan de balboogschutters toegekend. In 1935 werden de Maatschappijen van Hemiksem met aandrang uitgenodigd voor een vergadering op 31 maart. De Jonge Leerlingen zonden voor het eerst een afvaardiging van 3 leden. Op deze vergadering werd er ook gevraagd het verslag van de vergadering in het Nederlands te bezorgen aan de nederlandstalige Maatschappijen, wat zonder discussie werd aanvaard. Ook werd hier voor het eerst voorgesteld een Nationaal Kampioenschap te laten plaats vinden in 1936, met 1 wedstrijd in elke maatschappij, op losse vogels met prangen van 7 of 9 vogels en een klassement op te maken individueel en per vast aangeduid peloton. De eerste nationaal kampioen van België was Clotmans Pierre van de Ware Vrienden, die als prijs een horloge ontving van Z.M. Koning Leopold III, tweede was Ballinckx Edward eveneens van de Ware Vrienden. De kampioen per maatschappij was Sint-Servatius, die de schaal Charles De Coster ontving, de tweede was hier Ancient Grand Serment. Doch na dit geslaagd experiment, werd alles terug zoals vroeger, de keuze voor iedere maatschappij te schieten op losse of vaste vogels. Dit was een gevolg van het niet overeenkomen tussen de maatschappijen van Aalst, Oostende en Tienen. De laatste vergadering voor de oorlog van 1940, was op 12 maart 1939 in het lokaal “A la Chaîne d’or”. Het bestuur van de federatie had een brief ontvangen van het ministerie van Volksgezondheid, die de schutters verplichte ieder jaar een attest binnen te brengen van bekwaamheid en gezondheid. Het antwoord hierop was: “ De federatie is in de onmogelijkheid een medische controle te organiseren alle jaren in elke maatschappij, de grote meerderheid van onze leden zijn volwassenen. Onze sport behelst geen aanhoudense inspanning en ook niet een korte explosieve, die dit pré sportief certificaat justificeerd.” De vergadering besliste hierover verder geen enkel gevolg te geven. Met het uitbreken van Wereldoorlog II werden alle balbogen terug zorgvuldig verborgen gehouden. Sommige zaten naar zeggen goed verpakt in papier verstopt in de grond in een stal of een schuur. Ook werd er angstvallig gezwegen over de maatschappijen, daar deze ook verboden waren door de Duitse Bezetter. Na het einde van de oorlog werd er in 1946 in alle maatschappijen een inventaris opgemaakt van de opgedoken balbogen en materialen en werd er terug gesproken over een Competitie. De eerste na-oorlogse vergadering had plaats in maart 1946 in het lokaal van La Tyrolienne te Brussel. Er moest een nieuw bestuur gekozen worden daar Musschoot en Ghijsbrecht inmiddels overleden waren. Ook kwam daarbij de verkiezing van een nieuwe ondervoorzitter. Voor de verkiezing van de voorzitter was er geen probleem, deze werd Guillaume Soenen van Sint-Joris. Voor secretaris werd voor Charles Declerq gekozen. Voor ondervoorzitter waren er echter 2 kandidaten, Jan Vertongen en Romain D’Haeseleer, na 2 anonieme stembeurten was de uitslag nog steeds gelijk, bij voorstel werden beiden aangeduid als ondervoorzitter. Op een bijeenkomst te Oostende werd er gevraagd een nieuw reglement op te stellen, eenvormig en geldend voor alle wedstrijden. Dit werd besproken en opgemaakt voor de wedstrijden op losse vogels, vastgepind op een prang van 7 of 9 vogels? Doch dit regelement werd slechts aangenomen voor de gezamelijke Fedreale schietingen en niet voor de clubschietingen, daar was de keuze nog steeds vrij tussen vaste of losse vogels. Op 23 mei 1948 volgt de inschrijving van Vooruit en Recht in de Federatie en worden de statuten onderschreven. Vanaf die datum werd het lidgeld per maatschappij op 200 Fr. gebracht en de pelotonsprijzen op 1000Fr. Het aantal ronden werd vastgelegd als volgt: meer dan 80 schutters waren er 5 beurten, van 80 tot 70 waren er 6 beurten en bij minder dan 70 schutters waren er 7 beurten. In de jaren 50 is het zo erg gesteld met de Ware vrienden en de Klauwaerts dat zij op de nationale wedstrijden met geen peloton van 6 schutters aanwezig waren, wat hen uitsluit mede te dingen naar de prijzen, daar men volgens het reglement verplicht was met een volledig peloton aan te treden. Uit vrees deze 2 maatschappijen te verliezen werd het reglement gewijzigd voor de de duur van het seizoen 1951 en worden beide maatschappijen toegelaten tot de wedstrijden met een peloton van 4 of 5 schutters indien zij voor 6 betalen. Zo mochten zij ook meedoen aan de wedstrijden en maakten zij ook kans op het winnen van prijzen en trofeeën. In 1951 overleed voorzitter Guillaume Soenen en zijn opvolger werd Fernand Mouque eveneens van Sint-Joris. In 1952 komt er een voorstel van Edward Ballinckx om na 2 of 3 pelotons van elke maatschappij, een 3de of 4de samen te stellen door leden van verschillende maatschappijen van dezelfde stad. Men vraagt eveneens om terug een kampioenschap in te richten lopende over een gans jaar, en met 1 wedstrijd in elke maatschappij. In 1953 werd dan ook de prijs Martin Declerq in omloop gebracht, voor de nieuwe kampioen e te winnen op zijn wip. Het is in 1980 dat Frans De Keuster, dan voor de achtste maal kampioen, deze definitief toegewezen kreeg. Op de vergadering van 20 februaro 1955 gaf Jan Vertongen zijn ontslag als ondervoorzitter tengevolge de hardnekkige tegenkantingen vanwege de schutters van Oostende. Tegen de kleur van de vogels, de pinnen, het doek nogtans waren al deze punten met algemeenheid van stemmen aangenomen. Frans Van Langenhove van Sint Servatius werd de nieuwe ondervoorzitter. Op 19 oktober 1958 is er een bijzondere samenkomst voor de aansluitng bij de Unie? Er is een ministeriele brief die ons terugwijst omdat wij niet met 500 leden zijn, nodig voor ons zelfstandig bestaan. Daartegenover had Secretaris Charles Declerq de aansluiting bij hoogdringendheid bewerkt. De voorstanders van toetreding waren de 3 Brusselse maatschappijen, Oostende en Tienen. De tegenstanders waren de 3 Aalsterse maatschappijen, de Jonge Leerlingen en Vooruit en Recht. Op 1 februari 1959 stelt Edward Balinckx voor om de vogels op de prang in strikte volgorde van links naar rechts af te schieten en niet meer zoals voorheen naar willekeur van de schutter. Op deze vergadering worden ook de plaketten van het ministerie van Volksgezondheid en van de stad Brussel uitgereikt. Dit was een initatief opgezet door Eugene Moriau voor de kampioenen vanaf 1952. Op 5 februari 1961 wordt Eugene Moriau van de Klauwaerts als voorzitter gekozen. Vanaf 1960 vindt men ook maar de uitslagen terug in het verslagboek van de afgelopen wedstrijden over een gans jaar. De kampioen was dan Frans De Keuster van de Jonge Leerlingen, per maatschappij was dit Ancient Grand Serment. In 1961 wordt er aangenomen om 2 commissarissen aan te duiden per wedstrijd, die op het reglementaire verloop van de wedstrijd moeten toezien. In 1962 is er een gedeelte van de maatschappij Guillaume Tell Brussel die fusioneert met de Ancient Grand Serment. Een tweede groep blijft onder de naam Guillaume Tell en onder voorzitter Isidoor Schrauwen verder doen. Doch vanaf het seizoen van 1965 komen zij niet meer op de kalender voor. In 1961 was Pierre Sami van Ancient Grand Serment kampioen en per maatschappij was dit ook Ancient Grand Serment. Op 26 januari 1963 werden de nieuwe opgestelde reglementen van orde en tucht voorgesteld, ditmaal in het nederlands deze waren in een eenvoudiger, directer en meer disciplinaire vorm. De Promotor hiervan was Eugene Moriau. In 1966 vraagt Vooruit en Recht het aantal schutters per peloton te verminderen naar 3 of 4 schutters, dit om ook recht te hebben op een prijs. Het antwoord was dat dit kon voor een 2de, 3de of 4de peloton maar niet voor een eerste. Op vraag van Laurent Soenen wordt het vormen van een peloton van de verschillende maatschappijen van éénzelfde stad opgeheven. De federale schieting valt dan af ook samen met een nationale beurtschieting van de maatschappij. Dit werd gedaan om een verplaatsing minder te hebben.Wat betreft de niet aansluiting in zijn geheel bij de unie, doet de voorzitter opmerken dat onze Federatie meer dan 250 leden kan tellen en daar de regionale toestand van het land gewijzigd is, de kans bestaat dat wij onafhankelijk de subsidies van BLOSO zouden kunnen ontvangen. Hier worden ook voorstellen gedaan om de wedstrijden te reorganiseren: - Ancient Grand Serment: De wedstrijd gaat door op de voorgestelde data, maar beginnen om 11u s’morgens. De Schutters zijn verdeeld in groepen van 40 à 50 man. Zij schieten 7 à 8 ronden, de beurten zijn zo opgesteld dat iedere ploeg eenmaal s’morgens schiet. - Sint-Joris: De Wedsrijden worden georganiseerd per match heen en terug per sta? Zoals gewoonlijk verplaatst iedere ploeg zich eenmaal naar dezelfde maatschappij en ontvangt de andere ploegen bij hem. De federale heeft plaats volgens de oude formule en kan dienen als testschieting. Al de andere maatschappijen zijn regen, ofwel uit reden van subsidies door de stad, ofwel uit oogpunt van werk s’morgens ( zelfstandigen), vervreemding van de schutters onder elkaar. Er is geen oplossing bij slecht weer. De voorzitter tracht de knoop door te hakken met de wedstrijd te beginnen om 13u30 en een beurt meer te schieten, dit wordt door iedereen aanvaard. Nieuwe kandidaturen voor een functie in het nationaal bestuur, moeten schriftelijk voor de aanvang van de vergadering aan de secretaris overgemaakt worden, gesteund door twee bestuursleden van zijn club, of desgevallend de verbroedering. In 1969 werden dan ook de gouden medailles van BLOSO toegekend aan volgende bestuursleden: - Edward De Wilde Sint Servatius - Achiel De Luyck Sint Servatius - Valery De Gendt De klauwaerts - Alex Bollé Willem Tell - Louis Huys De Jonge Leerlingen - Alfons De Keuster De Jonge Leerlingen - Louis Gillier La Tyrolienne De zilveren medaille was voor Frans De Keuster van de Jonge Leerlingen. Na het overlijden van Romain D’Haeseleer wordt Roger Bomal van La Tyrolienne de nieuwe penningmeester. Uit protest tegen het niet goedkeuren van hun voorstel voor de reorganisatie van de wedstrijden, had Sint-Joris niet deelgenomen aan de wedstrijden en ook geen wedstrijd ingericht. De wedstrijd “ Koning de Koningen “ zal voortaan ingericht worden door de maatschappij die de Federale schieting organiseert. Op 26 februari 1972 wordt Charles Declerq gehuldigd voor zijn 25 jaar dienst als secretaris van de federatie. Hij ontvangt de gouden medaille van BLOSO. Roger Komal vraagt ontlasting van zijn mandaat als penningmeester en wordt opgevolgd door Julien Watteyne van Ancien Grand Serment. Terug wordt het voorstel van Oostende ter tafel gelegd, door te schieten stad tegen stad, doch al de tegenstemmers van vroeger blijven op hun standpunt, evenals de voorstanders Oostende,Brussel en Tienen onthielden zich. In 1973 wordt het lidgeld per maatschappij gebracht op 500Fr. Door secretaris Charles Declerq wordt een oproep gedaan aan de schutters van Sint-Joris terug aanwezig te zijn op de nationale wedstrijden en hun eigenzinnigheid af te leggen tegenover de andere maatschappijn, die volgens hen niet niet genoeg inspanningen zouden doen om uit hun impasse te geraken. Benoni De Wilde schenkt een nieuwe wisselbeker voor de kampioenenploeg, lopende over 3 jaren. 24 februari 1973 ter aanvulling van het reglement worden volgende punten aangenomen betreffende schieten bij slecht weder. Alle klassementen worden opgemaakt op basis van gelijk aantal beurten van alle wedstrijden. Doch de voorzitters en het bestuur van de Federatie nemen hun verantwoordelijkheid ter plaatse om te beslissen of de schieting verder gaat of stopt en deze wedstrijd geldig is voor het algemene klassement, zelfs na 2 of 3 gedane beurten. Op de vergadering van 3 maart 1974 moet er een nieuwe voorzitter worden gekozen aangezien Eugene Moriau is overleden, deze wordt opgevolgd door Valery De Gendt van de Klauwaerts. Terloops was het zeer aangenaam te vernemen dat de mannen van Oostende opnieuw en volwaardig toetreden tot de Federatie. De ondervoorzitter Benoni De Wilde neemt ontslag en wordt opgevolgd door François Buys van Sint-Servatius. Gonzales de voorziiter van La Tyrolienne verklaart de vergadering bij te wonen als toeschouwer, daar zijn maatschappij noch over lokaal nog over effectieve leden beschikt. Alfons Veillefon, voorzitter van Sint-Servatius, stelt voor op iedere wedstrijd het beste peloton van iedere maatschappij in aanmerking te nemen voor het kampioenschap en niet meer zoals voorheen, het eerste ingeschreven peloton. Bij stemming zijn er 4 maatschappijen voor en 4 tegen met één onthouding van La Tyrolienne. Een Belgisch compromis komt op de proppen. Het bestaande reglement zal behouden blijven voor 1975, doch als proef zullen er 2 klassementen opgemaakt worden, één volgens het vaste eerste peloton en een tweede volgens het beste peloton van iedere maatschappij. Het definitieve verdwijnen van La Tyrolienne wordt op de vergadering van 21 februari 1976 medegedeeld. Het voorstel i.v.m de 2 klassementen wordt aangenomen met 10 stemmen tegen 6. In 1976 werd ook het 50-jarig bestaan gevierd van de Federatie, deze had plaats in Brussel. Een brochure met de korte historiek van elke maatschappij werd in boekvorm uitgegeven en een tentoonstelling wordt gehouden waaraan ale maatschappijen deelnamen met waardevolle stukken en archieven. Deze had plaats in het toenmalig lokaal van de Ancien Grand Serment te Brussel, niet ver van de Zavelkerk. Op 18 februari 1978 verneemt met het overlijden van Martin Declercq, medestichter van de Nationale Federatie. Op 4 maart 1978 was er een bijeenkomst voorzien met Gilbert Roegiers, Secretaris-Generaal van de NUKB-UNAB. Dit betrof het decreet van de Vlaamse Cultuurraad van 2 maart 1977 aangaande de sportverenigingen, hun erkenning, subsidiering en bescherming. Deze komt uitleg verschaffen en onderzoeken welke de beste oplossing is voor de Kruis- en de balboog. Afzonderlijk blijven als balboog kan niet meer met minder dan 500 leden. Wanneer men samensmelt met de kruisboog, kwam men tot 1050 à 1060 werkende leden en valt men in de voordeligste 2de categorie wat betreft de subsidie van BLOSO. Mits een bijdrage te betalen per lid kregen hiervoor ook een verzekering, persoonlijke en een burgerlijke aansprakkelijkheid afgesloten met ASSUBEL. 7 maatschappijen gaven hun toezegging, Sint Servatius onthield zich. De 6 Vlaamse maatschappijen kwamen bij de LUK (landelijke unie kruisboogschutters), de Ancien Grand Serment bij de URA ( union regionale arbalete) Op 18 november 1978 kondigd Sint-Servatius ook bij te treden tot de Unie en zo ook bij de LUK. Op 15 december 1979 kondigd Valery De Gendt zijn ontslag aan wegens gezondheidsredenen. Daar er op dat ogenblik geen geldige kandidaten zijn wordt er een speciale vergadering voorzien in juni 1980 voor de verkiezing van een opvolger. De Pelotonprijzen die 35 jaar vastgesteld was op 1000Fr. wordt nu verhoogd naar 2000 Fr. Op die bijzondere vergadering van 1 juni 1980 te Brussel wordt Veillefon Alfons van Sint- Servatius als nieuwe voorzitter verkozen. De trofee Declercq wordt opgevolgd door de wisselbeker “Charles Declercq” en loopt over 9 jaar. Deze van de kampioenenploeg wordt de beker “Benoni De Wilde” en deze is voor 3 jaar. De schotel prijs voor de “Koning de koningen” zal finaal prijs vinden op de Federale schieting te Tienen op 6 september 1981 tussen alle vroegere winnaars. Op 14 juni 1981 vond er een Uniedag schieting plaats in Aalst, dit was ook de gelegenheid van het 30- jarig bestaan der Aalsterse Verbroedering de balboogschutters. Voor de kruisboogschutters met de pijl vind dit plaats in de Keizershallen, voor de balboogschutters was dit op de Grote Markt aan het belfort. Aan iedere deelnemende schutter werd een diploma uitgereikt, ontworpen en getekend door Geert Bauwens. De sportraad van de stad liet deze diploma’s drukken in kleur. De prijs van de balboog voor de beste van de Uniedag was een gouden bal in een schrijn en deze bal werd gewonnen door Frans De Keuster van Hemiksem. Op 19 oktober 1983 geeft Alfons Veillefon zijn ontslag in de federatie en 17 december 1983 wordt Charles Declercq als zijn opvolger gekozen. Deze laatste secretaris zijnde werd opgevolgd door Marcel Bauwens. Op 12 augustus 1984 te Oostende wordt er een nieuwe penningmeester gekozen in opvolging van Julien Watteyne die is overleden, Gustaaf Huylebroeck krijgt de eer deze taak over te nemen. Een nieuwe beker “Philemon Vlasschaert” komt in omloop en loopt over 5 jaar. Op 27 mei 1984 werd dan op neutraal terrein de wisselbeker “ Benoni De Wilde” afgeschoten tussen De jonge leerlingen,Sint-Servatius en Sint Joris, het is Sint-Servatius die in de prijzen valt. In 1984 komt er ook een nieuwe prijs in omloop voor de “ Koning der Koningen”. Een gegoten koperen balboogje en opgehangen op een houten plankje, volledig opgemaakt door Fernand Arents van de Ware Vrienden en dit tot 1990. Op 28 juni 1987 werd er een wedstrijd georganiseerd door de stad Brussel, onder het dirigentschap van de Ancient Grand Serment en dit ter ere van het Belgisch voorzitterschap in de EEG. Deze had plaats in het jubelpark te Brussel en de winaars van de ECU’s waren daar ook. Op de wedstrijd van 29 mei 1988, werd er een medaille geschonken door Charles Declercq voor zijn 50 jaar schutter zijn. Dit was op een onbekende vogel, knas voor iedereen dus maar het was Laurent Soenen die deze won. Eveneens op deze wedstrijd werd ook het 775-jarig bestaan herdacht van de stichting van de Ancien Grand Serment. Deze was begiftigd met drie bijzondere medailles en deze werden gewonnen door Francois Huys van de Jonge Leerlingen, Roger Rollie van Sint-Joris en Marcel Bauwens van de Klauwaerts. Een nieuw voorstel van secretaris Marcel Bauwens is, de inschrijvingen van de wedstrijden niet meer in het inschrijvingsboek van de inrichtende maatschappij te doen, maar op afzonderlijke bladen, één per maatschappij en deze na de wedstrijd, ronde na ronde ingevuld terug te bezotrgen aan de secretaris van de Federatie voor het opmaken van de prijzen en de klassementen en die eveneens dienen voor gebeurtelijke controle. Dit voorstel werd algemeen aanvaard. Op 9 december 1990 wordt er met meerderheid beslist om een proefjaar in te richten voor deelname aan de competitie door vrouwelijke schutters. Lucien De Sutter van Sint-Servatius volgt Gustaaf Huylebroeck op als Penningmeester. Met een brief van secretaris Marcel Bauwens van 11 augustus 1991, wordt er aangekondigd dat zoals overeengekomen met de voorzitters op 30 juni te Tienen, de afgelaste wedstrijd bij de Grand Serment, die ook samenviel met de uniedag, zou plaatsvinden in het lokaal van Vooruit en Recht en dit eveneens op 25 augustus de dag van de Federale schieting bij de jonge Leerlingen eveneens te Hemiksem. De prijs van de Uniedag werd daar gewonnen door Frank van Tichelen van Vooruit en Recht. Op 16 November 1991 wordt John Bulteel van Sint Joris verkozen tot ondervoorzitter in de plaats van François Buys. Het afgelopen proefjaar voor vrouwelijke schutters is goed bevonden. Het reglement wordt aangepast in die zin. Vrouwelijke schutter mogen aanvaard worden en deelnemen aan alle wedstrijden, dit onder dezelfde reglementering als voor de mannelijke schutter. Voor de NUKB-UNAB hebben zij wel een speciale catergorie “E Dames” met apart klassement. Op de vergadering van 14 November 1992 geeft Charles Declerq het voorzitterschap van de federatie af aan zijn secretaris Marcel Bauwens. Doch na enige aarzeling stelt L. Soenen zich eveneens kandidaat. De Uitslag van de geheime stemming per maatschappij is als volgt: Marcel Bauwen: 5, L. Soenen: 3. De nieuwe voorzitter Marcel Bauwens dankt en stelt voor Charles Declercq te benoemen tot Ere-voorzitter, gezien zijn enorme verdiensten voor de balboogsport in het algemeen belang en zijn inzet voor de federatie. Dit wordt op algemeen applaus onthaald. Frank Boeyden van Sint Servatius volgt Marcel Bauwens op als secretaris. Vanaf het jaar 1993 zijn er terug 6 nationale wedstrijden, waarvan 2 in Aalst, 1 in Hemiksen, 1 in Tienen, 1 in Oostenden en 1 in Brussel. Op vraag van Willem Tell Tienen de prijs “ Koning der koningen” te laten doorgaan op hun wip en voor de eigenlijke wedstrijd, dus om 13 u en gaande over 4 ronden, wordt aangenomen. Het is de ereprijs “Emelien Hautecler” en loopt vanaf 1993 en 1997. Na herhaardelijk aandringen van een groot aantal schutters een badge te hebben van onze eigen federatie, is het voorzitter Marcel Bauwens die een model ontwerpt. Deze wordt voorgesteld op de schieting van 16 mei 1993 en draagt de goedkeuring weg van allen. Zo werden er dan meer dan 200 van gemaakt in de firma “ La Nominette” te Aalst en naar vraag en behoeft aan de maatschappijen uitgedeeld (prijs 200 fr per stuk). Penningmeester Lucien De Sutter neemt ontslag en wordt opgevold door Freddy Schollaert van de Klauwaerts. Na jaren van onderstellingen, gissingen, doch zonder een effectieve handeling vanwege de Federatie, wordt er op de vergadering van 13 oktober 1993 aan voorzitter Marcel Bauwens gevraagd contact op te nemen met het bestuur van de L.U.K.; dit wegens de stiefmoederlijke behandeling van onze maatschappijen. Deze op zijn beurt vraagt aan de voorzitters, al hun grieven en verlangens op papier te zetten en deze te bespreken op een bijkomende vergadering van 11 december 1993. Deze bespreking komt er, in alle ernst. Alle kosten, onkosten en onderstellingen worden goed overwogen en op punt gezet. Deze werden in een brief door het bestuur van de Federatie met een aangetekend schrijven aan de voorzitter van de L.U.K., senator Van Aperen, overgemaakt en een kopij wordt bezorgd aan al onze maatschappijen. Lauren Soenen vraagt dat voorzitter Marcel Bauwens de spreekbuit zou zijn op de algemene statutaire vergadering van de L.U.K. om deze vergadering alleen voor de balboogmaatschappijen in Aalst te houden en dit op 15 januari 1994. Een historisch en belangrijk gebeuren voor de Federatie. De vertegenwoordiging op deze samenkomst was, van de L.U.K. voorzitter senator Van Aperen, secretaris Louis Dielen, penningmeester Maria Vandewiel, van de Federatie, voorzitter Marcel Bauwens, ondervoorzitter John Bulteel, secretaris Frank Boeyden, Penningsmeester Freddy Schollaert, voorzitters en bestuursleden: François Huys, Emilien Hautecler, Philemon Valsschaert, Daniel Bauwens, Gustaaf Huylebroeck, Laurent Soenen, Charles Declercq, Theo Callebaut, Guido Denis, Maria Linthout, Frans Van Thienen, Edy De Neve, Noël Van Hoenacker. Voorzitter Marcel Bauwens opent de vergadering en dankt het bestuur van de L.U.K. omdat zij ons hier op ons terrein te woord willen staan en luisteren naar onze grieven en vele vragen. Dan vervolgt hij met de opsomming van de rechten van onze Federatie, dit volgens de decreten van BLOSO. Stap voor stap gaat hij doorheen de jaren vanaf de aansluiting op 18 februari 1978, doorspekt met brieven, verslagen, bewijsstukken en dit tot 1992. Met als slotsom, dat er weinig is terecht gekomen van al hetgene beloofd is aan subsidies en teruggave van de werkingskosten aan de balboogmaatschappijen. Voorzitter Van Aperen repliceerd hierop en geeft verschillende punten aan die nu rechtmatig op tussenkomsten recht zullen geven. Penningmeester Vandewiel bepaalt hierbij dat bepaalde onkosten gemaakt door onze Federatie zouden welkom zijn om subsidies te rechtvaardigen. Alles wordt op punt gesteld en de nodige papieren bezorgd, opdat alles op de juiste wijze en in de beste samenwerking nu verder zou verlopen. Grote kosten van onderhoud en aankoop van nodige materialen moeten zoals vroeger doorgestuurd worden, volgens bepaalde normen van BLOSO. Het resultaat van die dag was verrassend, onthullend en prachtig te noemen voor onze balboogmaatschappijen in de volgende jaren. De wisselbeker voor de kampioenenploeg komt in omloop vanaf 1994 tot 1998 en is de wisselbeker “John Bulteel”. Vanaf 1994 worden de beste senior en de beste junior ook opgenomen in een speciaal klassement “Balboog” van de NUKB-UNAB. Een wisselbeker “Freddy Schollaert” komt in omloop vanaf 1995 tot 1999 en is voor de beste maatschappij op de Federale schieting. Een voorstel van De Jonge Leerlingen om een prijs ter beschikking te stellen voor de beste senioren wordt aangenomen vanaf 1996 en het is François Huys die deze prijzen voor zijn rekening neemt. Van 1995 tot 1999 komt ook de wisselbeker Laurent Soenen in omloop en dit voor de individuele kampioen van België. De prijs Emilien Hautecler voor de “Koning der Koningen” ging na kampen tussen 5 winnaars: Yvan Goffart, Dirk De Wolf, Guido Huykebroeck, Ronald Vandergothen en JP Vandersteen, Dirk De Wolf van Sint-Servatius ging definitief met de beker naar huis. Een uitzonderlijk heugelijk feit was het 60 jaar schutter zijn van onze ere-voorzitter, Charles Declercq. Een warme hulde werd gebracht op zijn schieting van 31 augustus 1997, dit met een lekker drankje en hapje. Op 29 november 1997 werd er beslist het lidgeld per maatschappij op 700Fr. te brengen. Voor de prijs “Koning der Koningen” is er een nieuwe troffee in omloop de “Prijs verbroedering Aalst” en loopt van 1998 tot 2002 en te betwisten op een wip van één der Aalsterse maatschappijen, volgens de kalender en in de gewone wedstrijd. De wisselbeker “John Bulteel” wordt definitief eigendom van Sint-Servatius en deze beker wordt van 1999 tot 2003 opgevolgd door de beker “Frank Boeyden”. Met de toestemming van alle maatschappijen werd er in 1999 in Aalst een aanvang gemaakt met de organisatie van het 75-jarig jubileum van de Nationale Federatie. De nieuwe trofee voor de beste maatschappij federaal wordt de wisselbeker van de voorzitter NFBB-FNAB Marcel Bauwens van 2000 tot 2004. Deze van Kampioen van België wordt de wisseltrofee Daniel Bauwens, lopende van 2000 tot 2004. Hieronder kan u de kampioenen van elk jaar terugvinden. - 1952 Edward Balinckx De Ware Vrienden - 1954 A. Van Haute Ancient Grand Serment - 1955 J.P. Schrevens Guillaume Tell Brussel - 1956 Robert Vanden Broeck Sint Servatius - 1957 Alfons de Keuster De Jonge Leerlingen - 1958 Fr. De Vleesschouwer Ancient Grand Serment - 1959 Maurits Lorie De Klauwaerts - 1961 Pierre Samin Ancien Grand Serment - 1962 Frans De Keuster De Jonge Leerlingen - 1963 Alfons De Keuster De Jonge Leerlingen - 1964 C. Verbeyst La Tyrolienne - 1965 C. Verbeyst La Tyrolienne - 1966 Philemon De Bock Sint Joris - 1967 F. Leonard Ancien Grand Serment - 1968 Frans De Keuster De Jonge Leerlingen - 1969 Frans De Keuster De Jonge Leerlingen - 1970 Petrus De Herdt Vooruit en Recht - 1971 Emilien Hautecler Willem Tell - 1972 François Samin Ancien Grand Serment - 1973 Frans De Keuster De Jonge Leerlingen - 1974 François Samin Ancien Grand Serment - 1975 Frans De Keuster De Jonge Leerlingen - 1976 Livinus Creado De Jonge Leerlingen - 1977 Pierre Boulonne Sint-Servatius - 1978 Frans De Keuster De Jonge Leerlingen - 1979 Philemon Arijs De Ware Vrienden - 1980 Frans De Keuster De Jonge Leerlingen - 1981 Marc De Coninck De Ware Vrienden - 1982 Pierre Boulonne Sint-Servatius - 1984 Marc De Coninck De Ware Vrienden - 1985 Frans De Keuster De Jonge Leerlingen - 1986 Henri De Roeck De Jonge Leerlingen - 1987 Frank Van Tichelen Vooruit en Recht - 1988 Roger Rollier Sint Joris - 1989 Danny De Roeck De Jonge Leerlingen - 1990 Danny De Roeck De Jonge Leerlingen - 1991 Frans Van Thienen De Klauwaerts - 1992 Danny De Roeck De Jonge Leerlingen - 1993 Ruddi September De Klauwaerts - 1994 Danny De Roeck De Jonge Leerlingen - 1995 Daniel Bauwens De Klauwaerts - 1996 Rudy Viellefont Sint-Servatius - 1997 Yvan Zeebroek Sint Joris - 1998 Geert De Bruyn De Klauwaerts - 1999 Ronny Cuylle Sint Joris - 2000 Rudy Viellefont Sint-Servatius - 2001 Yvan De Roeck De Jonge Leerlingen - 2002 Rudy Viellefont Sint-Servatius - 2003 Rudy Viellefont Sint-Servatius - 2004 Laurent De Mol De Klauwaerts - 2005 Pieter Bauwens De Klauwaerts - 2006 Karel De Boeck Sint-Servatius - 2007 Rudy Viellefont Sint-Servatius - 2008 Laurent De Mol De Klauwaerts - 2008 Frans de Keuster De Jonge Leerlingen - 2009 Rudy Viellefont Sint-Servatius - 2010 Rudy Viellefont Sint-Servatius - 2011 André-Remi Van Kerkhove De Klauwaerts - 2012 Rudy  Viellefont Sint-Servatius - 2013 Yvan De Roeck De Jonge Leerlingen - 2014 Eddie Robson Sint Joris